Crematie

Volgens de Landelijke Vereniging Crematoria (LVC) overstijgt het aantal crematies op jaarbasis ruimschoots het aantal begrafenissen. Van het aantal overledenen kiest ruim 63% voor een crematie. Dit heeft vooral te maken dat een crematie veel goedkoper is dan een begrafenis en nabestaanden nadien geen omkijken meer hebben naar een graf, die toch onderhouden dient te worden. Toch was cremeren niet altijd een vanzelfsprekendheid in Nederland. Pas in 1914 vond de eerste crematie plaats en sindsdien is het aantal crematies flink gestegen. 2003 was het eerste jaar dat het aantal crematies het aantal begrafenissen oversteeg met 50,60% en is sindsdien alleen maar in stijgende lijn.

De opkomst van het cremeren

Lange tijd was de Katholieke kerk oppermachtig en bepaalde de kerk vele regels uit het dagelijks leven. In 1886 verbood de Katholieke kerk cremeren nog uitdrukkelijk, want dit zou niet in overeenstemming zijn met de Bijbelse leer. Al geruime tijd voor dit verbod was in Nederland reeds de Vereeniging voor Lijkenverbranding opgericht, door een clubje mensen die ijverden voor invoering van de lijkverbranding. Dit was toen nog wettelijk verboden. In 1913 kreeg de vereniging het voor elkaar om een eerste crematorium te bouwen in Velsen. Dit was het nog steeds bestaande crematorium Westerveld. Een jaar na de bouw overleed het hoofdbestuurslid van de vereniging en vond in Nederland de allereerste crematie plaats. Omdat dit nog verboden was, werd er wel een proces-verbaal uitgeschreven. Toch vonden er nadien vele crematies plaats, die gedoogd werden door de overheid. Pas in 1968 werd de Wet op de bezorging gewijzigd en werd crematie gelijkgesteld aan begraven. 

Hoe werkt cremeren? Meestal vindt er voorafgaande aan de crematie een rouwplechtigheid plaats. Dit kan in een kerk of in de aula van het crematorium Hulzebus Uitvaartverzorging / Ardante zelf. Na de plechtigheid gaat de kist naar de ruimte waar de oven staat. Op de kist wordt een identificatiesteentje gelegd met daarop een uniek nummer. Zo is de as altijd weer te herleiden aan de overledene. De kist gaat de oven in en wordt op een temperatuur van ongeveer 1100° Celsius gebracht. Bij deze temperatuur zal de kist en het stoffelijk overschot door verhitting tot as worden gebracht. De oven wordt na verbranding leeggemaakt, waarbij er ongeveer 2 tot 3 kilo as overblijft. De as gaat in een urn en wordt aan de nabestaanden overhandigd.

Verstrooiing

De familie heeft enkele mogelijkheden voor bestemming van de as. Men kan de as in de urn laten zitten en thuis neerzetten, maar het is ook mogelijk om de as uit te strooien op een strooiveld. Ook is het mogelijk om de urn te begraven. De meeste kerkhoven hebben hier tegenwoordig ruimte voor, of hebben een urnenwand waar de urn in geplaatst kan worden.


Delen